Op zoek naar het perfecte brood

Nadat we pas verhuisd waren naar Genève misten we een aantal dingen uit België. Op het vlak van eten en drinken waren dat zelfs dingen die we eigenlijk nog eens niet zoveel gebruikten in België zelf: siroop, hagelslag, ice tea (ok, toegegeven, dat dronken we wel veel), salades voor op de boterham (kip curry en zo) …

Gelukkig betert dat na een tijd. Je geraakt de lokale producten gewoon, vindt alternatieven en leert andere smaken appreciëren. Zo ging dat ook toen we naar New York kwamen.

Maar er is één ding dat ik nog altijd mis. Eén ding dat ik nog altijd nergens gevonden heb. Heerlijk brood. Want het perfecte brood is voor mij blijkbaar Belgisch: zacht vanbinnen, een heerlijke korst (niet te zacht, niet te hard), de juiste maat en allerlei lekkere volkorensmaken.

Heerlijk perfect brood: een krokante korst met een zachte binnenkant. Nom nom nom ...

Heerlijk perfect brood: een krokante korst met een zachte binnenkant. Nom nom nom …

 

Verschillende broodculturen

In Genève waren de broden vooral klein. Daar had je ook veel donkere broden en werden ze vers gebakken, maar dus allemaal in een vreemd formaat. En dikwijls niet gesneden, want snijmachines zijn daar precies niet ingeburgerd.

Hier in New York vind ik echt niets dat volledig naar mijn goesting is. Hier kan ik kiezen tussen sponsbrood (superzacht) of meer ‘traditioneel’ brood, maar dan is de korst niet lekker en heeft de binnenkant een vreemde textuur. En alles is bijna voorverpakt.

 

Moeilijke zoektocht

Ik heb al verschillende merken geprobeerd en ben in verschillende supermarkten gaan zoeken. Maar ik heb nog altijd niet gevonden wat ik zocht.

Toen ik merkte dat de Pain Quotidien hier enorm populair is, dacht ik dat dat de oplossing was. “Yes! Eindelijk Belgisch brood!” Maar nee, ook dat was eigenlijk niet hetzelfde als wat ik zo graag eet.

Het juiste brood vinden is me hier dus nog niet gelukt. Mijn zoektocht gaat verder …

Advertenties

Enkele bedenkingen

Geen uitstapjes vandaag, dus enkel wat bedenkingen, verschillen, gelijkenissen.

  • De muntjes waarmee betaald wordt verschillen enkel een beetje van grootte. En dat is verwarrend. Ik moet voorlopig echt nog kijken naar wat er op de munt staat om te weten of ik genoeg heb om te betalen.
  • Ice tea hier is eigenlijk nestea, dus zonder de bubbels. Je kan kiezen tussen citroen- of perziksmaak.
  • Een frisdrank op café kost ongeveer CHF 4 of 5, maar je krijgt hier wel flesjes van 33 cl.
  • Brood wordt niet gesneden. Je moet zelf zorgen voor een goed broodmes – en momenteel heb ik dat niet – om gelijke sneetjes te krijgen.

  • Rode lichten voor voetgangers zijn optioneel. Eerst kijken of er auto’s aankomen en als het veilig is, steek je maar gewoon over.
  • Mensen kijken niet goed waar ze lopen. Ze stoppen in het midden van de straat, ze zijn drukker bezig met hun gsm dan met de andere mensen in de straat of ze zien je wel maar wijken niet uit. Toegegeven, dat is waarschijnlijk niet waar voor alle mensen of heel Genève, maar ik heb het toch al een paar keer meegemaakt.
  • De stopcontacten zijn ook anders. Platte koppen gaan zonder problemen, maar voor de andere stekkers heb je een adaptateur nodig.
 =
 +
  • In de winkel zijn er nogal wat mensen die al hun inkopen laten accumuleren op het einde van de band en pas na het betalen alles beginnen inpakken. Met het gevolg dat ik een miniplaats heb (als dat al het geval is) om mijn spullen in te pakken. Of als ze wel beginnen met inpakken, stoppen om te betalen en dan nog een derde moeten afwerken, maar nog steeds met dezelfde uitkomst voor mij. Ik moet zeggen dat dat in België ook veel voorkwam, dus daar ben ik wel aan gewend.

Als er dingen zijn die jullie je afvragen of waar jullie nieuwsgierig over zijn, laat het mij weten en ik probeer het uit te zoeken  :-)