Sociaal doen op café? Nee, dank je!

 

Onze lijst things to do is in New York wel wat langer dan in Genève … We hadden ons dus voorgenomen om hier meer buiten te komen in het weekend dan enkel een trip naar de supermarkt en een quiz op maandagavond. En dat lukt goed, al zeg ik het zelf. (Bewijs: we zijn al naar Central Park geweest, naar Coney Island, naar Long Island City …)

En ja, we hebben ook al geprobeerd om iets te gaan drinken. Gewoon, om sociaal te doen. Maar dat slaat bijna elke keer opnieuw tegen, dus dat hebben we eigenlijk opgegeven …

Het probleem kan ik in één woord benoemen: LAWAAI!

Man, man, man … niet te doen wat een lawaai er hier in cafés is. En jammer genoeg ook dikwijls in restaurants. Er zit veel volk, iedereen praat luid, de muziek komt daar bovenuit, dus mensen gaan nog harder praten …

En daar zitten we dan, Hubbie en ik, twee personen die houden van rust en kalmte. We halen dan maar onze beste gebarentaal boven, want elkaar verstaan kunnen we toch niet. Daar doen we nog eens geen moeite meer voor. Tegen de ober moeten we natuurlijk wel nog schreeuwen, maar zelfs die verstaat ons niet altijd.

In België vond ik ook dat de muziek soms heel luid stond, maar daar had ik precies genoeg andere rustige opties. Hier maakt het niet uit waar we binnen stappen, er is altijd lawaai.

Ik weet echt niet wat dat hier is. Maar ik vind het dus niet zo aangenaam. Want je hoort elkaar niet, je kunt geen conversatie houden en je oren doen op het einde van de avond pijn.

Het lijkt er dus op dat ook hier sociaal doen in cafés niet echt een realiteit zal worden …

 

Zon, oceaan, strand

 

Het stond al een paar weken in onze agenda, maar het kwam er gewoon niet van. De ene keer omdat we iets anders gepland hadden, de andere keer omdat het te warm was … Maar het voorbije weekend zijn we er dan toch eindelijk geraakt: Coney Island.

Het enige wat ik wist over dit stukje New York was dat je er over een boardwalk kunt kuieren en dat er een houten achtbaan staat. Het was dus tijd om meer te weten te komen!

We ontdekten dat we van bij ons gemakkelijk naar een metrostation konden wandelen waar de N-lijn ons rechtstreeks naar Coney Island zou brengen. Een groot pluspunt! We gingen op weg … en geraakten een beetje ontmoedigd toen we al zwetend stonden te wachten in het niet verkoelde metrostation. Maar we hielden vol en gelukkig was er airco in de wagon zelf. Het was dus maar een korte foltering. ;-) We konden een zitplaatsje bemachtigen en waren klaar voor onze nieuwe ontdekking.

Waar we niet op gerekend hadden, was hoe lang de trip zou duren: we hebben er in totaal langer dan een uur over gedaan. Op zich is dat niet zo lang, maar Hubbie merkte terecht op dat je in diezelfde tijd van Genève naar Brussel gevlogen bent. :-)

Maar goed, het eerste wat mij verbaasde toen we aankwamen: Coney Island heeft een strand! Dat wist ik echt niet … Nu, wij zijn beiden niet zo gek van stranden (dat zand zit twee dagen later nog tussen je tenen!), dus we hebben verder niet onderzocht hoe zacht/warm/korrelig het was. We hebben gewoon wat gewandeld en genoten van het uitzicht …

Coney_Island-beach

 

wat naar de attracties gekeken …

Cone_Island_RollerCoaster

 

van de kunst genoten …

Coney_Island_art

 

vitamientjes D opgezogen …

Coney_Island_FerrisWheel

 

En dat was het eigenlijk. We zijn niet lang gebleven, omdat we pas in de late namiddag aangekomen waren en we nog meer dan een uur terug naar huis moesten, natuurlijk.

Voor ons is het zeker niet iets om elke week te doen, want het was op sommige plaatsen echt wel druk. En toch … met een ligstoel, een parasol en een goed boek op een plekje waar wat minder volk was … Wie weet gaan we er toch nog een dagje spenderen deze zomer.

 

Dure voorgerechten

 

Toen we bekendmaakten dat we naar New York zouden verhuizen, waren enkele vrienden het over een ding eens: we gingen onszelf culinair kunnen verwennen! Want in New York kan je blijkbaar goed én goedkoop eten. (In tegenstelling tot Genève …)

Je kunt je dus wel voorstellen hoe groot mijn verbazing was toen we voor de eerste keer in een restaurant gingen eten en ik op de menukaart zag dat een voorgerecht gemiddeld 20 dollar kostte. Dat vond ik precies toch niet zo goedkoop als onze vrienden hadden laten uitschijnen. En we zaten echt niet in een sjiek restaurant.

Verward bladerde ik verder in de menukaart, op zoek naar de hoofdgerechten. Maar die waren nergens te vinden. Dat vond ik helemaal bizar. Want welk restaurant heeft nu geen hoofdgerechten?

Het heeft eventjes geduurd, maar uiteindelijk had ik dan toch door wat het probleem was. Wat ik dacht dat het voorgerecht was, was het hoofdgerecht. Dat heet hier namelijk ‘entree’. En een entree is een voorgerecht, toch? Dat was zo in België en dat was zo in Genève, dus je kunt mijn verwarring wel begrijpen.

Maar goed, dat weten we dus ook weer: een hoofdgerecht heet hier ‘entree’ en een voorgerecht is een ‘appetizer’. Smakelijk!

 

Het kleinste eiland van New York

 

De eerste keer dat Hubbie en ik naar Roosevelt Island geweest zijn, hebben we een foto getrokken van een klein eilandje iets verder in de rivier:

U Thant Island

We vroegen ons toen al af wat dit zou kunnen zijn en ondertussen heb ik het antwoord gevonden: het is het kleinste eiland van New York.

Het stukje grond heet officieel Belmont Island, maar het staat beter bekend als U Thant Island. En het is speciaal om twee redenen:

  1. Niemand mag op het eiland komen.
  2. Het is niet natuurlijk ontstaan.

In 1892 liet William Steinway (die van de bekende piano’s) tunnels graven onder de East River, zodat zijn bedrijf in Queens met Manhattan verbonden zou zijn. Om dit te doen moest er een schacht gegraven worden en dat zorgde voor een ophoping van grond. En daardoor zie je nu dus dat eilandje in de rivier.

Maar dat is nog niet alles …

Het eiland werd een beetje vergeten, want met minder dan 2000 m2 in het midden van een rivier kan je nu eenmaal niet zo veel doen. Tot er in 1977 een groep VN-werknemers het eilandje ging leasen van de stad. Dat groepje was grote fan van de spirituele goeroe Sri Chinmoy en noemde zichzelf Peace Meditation. Ze plantten wat struikjes en gaven het eiland een nieuwe naam: U Thant Island, naar de derde Secretaris-Generaal van de VN.

Zij waren lange tijd de enige die op het eiland mochten, maar door de strenge veiligheidsmaatregelen van de VN, gebeurt dat eigenlijk ook niet meer.

Maar wacht, er is nog meer …

In 2004 was er een lokale kunstenaar (Duke Riley) die op een dag, ’s morgens vroeg toen het nog donker was, in een roeibootje naar het eilandje voer. Boven op de navigatietoren plantte hij een vlag met twee sidderalen en verklaarde het eiland onafhankelijk. Dat duurde natuurlijk niet lang, want de kustwacht wat toen al onderweg om Riley van het eiland te halen. Ze hadden alleen niet gezien dat hij die vlag daar had neergeplant, dus die heeft nog een paar dagen kunnen wapperen.

Tegenwoordig is U Thant Island een beschermd natuurgebied voor vogels. En de tunnels eronder worden nog steeds gebruikt door de metrolijn 7.

 

 

Bronnen:

Secret New York. An unusual guide. 2014. Jonglez.

Wikipedia

The New York Times

Laat die complimentjes maar komen!

Weet je wat ze hier in New York goed kunnen? Complimentjes geven. Ik heb in die paar maanden dat we hier wonen al meer complimentjes gehad van wildvreemden dan in al die jaren in België en Genève. En dat voelt goed!

Het begon al toen we hier de allereerste dag aankwamen. We waren net geland en Hubbie en ik waren aan het proberen om grip te krijgen op al onze valiezen, rugzakken en onze Mika. Ineens kwam er iemand door de deur gewandeld, liep lans ons voorbij en riep: “Nice coat!” Luid en duidelijk. Ik was een beetje verbaasd, want het was nieuw voor mij om een compliment krijgen van iemand die ik helemaal niet kende. Gelukkig kon ik nog net op tijd ‘Thank you’ terugroepen.

Sinds de lente zijn intrede heeft gedaan, loop ik rond met de meest fantastische schoenen:

Cat shoes

En dat vind ik blijkbaar niet alleen, want ik kan ondertussen al niet meer tellen hoeveel mensen me daarover een complimentje gegeven hebben. En allemaal mensen die ik niet ken!

Vorige week ook nog, toen Hubbie en ik op een barbecue probeerden om ons bord leeg te eten zonder al te veel ketchup te morsen. Ik was niet zo elegant mijn hamburger aan het eten, toen er iemand naar me toe kwam en zei: “Ik moest gewoon even komen zeggen hoe geweldig ik jouw schoenen vind.” Ik glimlachte van oor tot oor en zei enthousiast: “Dank je wel!” En dat was het. Maar mijn avond kon niet meer stuk!

Kan je je dat in België voorstellen? Of in Genève? Ik heb het daar nog nooit meegemaakt, denk ik. En eigenlijk is dat jammer, want het maakt je dag gewoon onmiddellijk goed.

Dus vanaf nu ga ik proberen om hetzelfde te doen. Als ik iemand zie met een mooi jurkje, geweldige schoenen, een fenomenaal kapsel of iets anders, dan geef ik een complimentje. En dan hoop ik dat die persoon ook nog uren daarna met een grote glimlach door het leven gaat.

Mijn schattigste cinema-ervaring ooit

– – –

Spoiler alert

In dit bericht beschrijf ik twee scènes uit de Pixar-film Inside Out. Als je de film nog wilt zien, kun je dit bericht dus beter niet lezen.

– – –

Pixar Inside Out

Vrijdag had Hubbie een dagje verlof. En omdat we al langer naar de film Inside Out wilden gaan kijken, leek dit ons de ideale gelegenheid. We hadden bovendien ontdekt dat er een cinema in de buurt was waar de tickets voor een ochtendvoorstelling goedkoper waren. Deal!

We waren nochtans niet helemaal op ons gemak. Ik bedoel, een volledige film lang in een zaal vol met kinderen doorbrengen? Was dat wel een goed idee? Maar dat bleek heel goed mee te vallen! Meer zelfs, het zorgde voor twee superschattige momenten …

 

O nee!

Het eerste was bij de scène waar Plezier en Bing Bong in de Memory Dump beland zijn. Wanneer Bing Bong zichzelf opoffert en daarna stilletjes uit het geheugen van Riley verdwijnt, hoorde je doorheen de zaal het schattigste stemmetje dat je je kunt inbeelden:

O nee, Bing Bong!

Je hoorde gewoon pure emotie in dat stemmetje. Het was zo vertederend, dat ik eigenlijk een beetje moest lachen (en ik niet alleen). En dat was niet zo erg, want daardoor kon ik mezelf tegenhouden om in tranen uit te barsten …

 

Echt waar!

Het tweede vertederende moment kwam wat later, nadat Plezier begreep dat Riley ook Verdriet nodig had in haar leven. Plezier zegt dan: “Ze heeft je nodig, Verdriet!” Waarop een kindje in de zaal antwoordde:

Ja, da ’s waar!

En weer werd een emotioneel moment daardoor wat gebroken. Maar het werd natuurlijk wel twee keer zo schattig :-)

 

Aanrader

Maar zelfs zonder de twee schattige kindjes, vind ik het een geweldige film. Het concept was mooi uitgebeeld, er zaten grappige dialogen in, emotionele momenten, spannende scènes … Mijn oordeel: een aanrader!

 

Hier nog eventjes de trailer en een van mijn favoriete scènes uit de film (in het Engels):

 

Stop met die plastic zakjes!

plastic-bagWat is dat toch met plastic zakjes hier? Het lijkt wel een obsessie. Overal waar je gaat, in elke winkel, krijg je een plastic zakje. En als je iets koopt wat ‘zwaarder’ is (zoals een blikje of een fles), dan krijg je er zelfs twee! Want eentje kan dat extra gewicht blijkbaar niet aan … Het zit hier zo diep ingebakken, dat sommigen het zelfs vreemd vinden als ik zeg dat ik geen zakje wil.

 

Vreemde blikken

In mijn handtas zit altijd een herbruikbare zak die ik gebruik als ik ga winkelen. Het gebeurt al eens dat ik mijn boodschappen nog op de band aan het zetten ben, terwijl de kassierster mijn producten al in een plastic zakje begint te laden. Dan zeg ik vriendelijk dat ik mijn eigen tas bij me heb en dat ik alles daarin wil steken.

En soms krijg ik dan een vreemde blik. Of een verwonderde “Are you sure?” Ja, natuurlijk ben ik daar zeker van, want dat is nu eenmaal de reden dat ik die zak in mijn handtas meedraag!

 

Denk aan het milieu

Ik snap dat niet … Wie wil er in hemelsnaam nog plastic zakjes gebruiken?

Je leest artikels over hoe slecht dat is voor dieren.

Je ziet documentairs over wat het doet met het milieu.

Je hoort cijfers die je gewoon niet kunt bevatten.

En toch is het hier de gewoonste zaak van de wereld om overal een plastic zakje te krijgen. Zoveel je maar wilt. Gratis en voor niets.

In Europa – en de rest van de wereld – is het probleem ook niet helemaal van de baan, dat weet ik wel. Maar in België moest ik (terecht) wel al betalen voor plastic zakjes (en dat is bijna vier jaar geleden). En ik zag veel mensen met herbruikbare zakken. Hier in New York ben ik zo nog niemand tegengekomen. Het is volgens mij dus echt wel een verschil in state of mind.

 

Ze begrijpt het niet …

reusablebagNog een voorbeeld hiervan in de praktijk? Met plezier!

Ik stond laatst aan de kassa en was mijn boodschappen zelf in een grote herbruikbare zak aan het tasten. Er waren nog een aantal items over die ik moest inpakken op het moment dat ik wilde betalen. De kassierster nam op dat moment die paar producten en begon ze in een plastic zakje te steken!

Uhm, huh? Ik heb net mijn eigen tas gebruikt om al mijn spullen in te steken en die was nog niet vol (want zoveel had ik niet gekocht). Welk deel van dit scenario zegt dat ik een plastic zakje wil? Waarom is het zo moeilijk om te begrijpen dat ik dat niet wil en dat dát net de reden is dat ik mijn eigen herbruikbare zak bij me heb?

Ik heb haar duidelijk gemaakt dat ze die paar spullen nog mee in mijn zak mocht steken, wat me uiteraard weer een vreemde blik opleverde.

 

Halfslachtige oplossingen

Ik hoop echt dat deze mentaliteit vlug verandert. Maar dat is moeilijk. Want in New York zijn er blijkbaar al een paar halfslachtige pogingen geweest om er iets aan te doen, maar zonder succes:

In 2008, Mayor Michael R. Bloomberg tried unsuccessfully to pass a bag tax of 6 cents. More recently, New York State has preferred to attack the problem with soft diplomacy. Since 2009, large stores throughout the state providing plastic bags have been required to take them back for recycling. But there is not much enforcement, Mr. Gonen said, and the program “hasn’t put a dent” in the numbers.

 

Nee, New York, zo word ik echt geen fan …